Wanneer iets niet lekker loopt in je werk, is de automatische reactie bijna altijd dezelfde:
Je gaat je best nog meer doen.
Je wordt zorgvuldiger.
Je denkt langer na.
Je neemt extra taken op je.
Je probeert controle te houden.
Dat voelt logisch. Maar het heeft een verborgen bijwerking.
Je vergroot je inspanning, terwijl de oorzaak vaak niet in inzet zit maar in richting.
Veel professionals lopen niet vast omdat ze te weinig doen.
Ze lopen vast omdat ze te weinig stilstaan.
Zonder het te merken pas je je voortdurend aan verwachtingen aan:
van collega’s, leidinggevenden, klanten of jezelf. Daardoor raak je steeds verder verwijderd van hoe jij eigenlijk werkt op je best.
En dat zie je niet meteen terug in prestaties, maar wel in energie.
Je ervaart:
- minder focus
- sneller twijfelen
- moeite met keuzes
- veel nadenken zonder helder besluit
Harder werken lijkt dan de oplossing, maar werkt juist averechts.
Je vergroot namelijk activiteit, terwijl wat ontbreekt helderheid is.
Persoonlijk leiderschap betekent niet dat je meer doet.
Het betekent dat je beter begrijpt waarom je doet wat je doet en wanneer je het juist níet hoeft te doen.
Rust ontstaat vaak niet door minder werk, maar door duidelijker keuzes.
